“Hoe meer geld, hoe slechter de hiv-preventie”

Hiv-preventie. Wat is efficiënt? Is het nuttig? Kan het beter? Helpt het überhaupt? De Morgen sprak met epidemologe Elizabeth Pisani. Ze werkte voor UNAIDS en de Wereldgezondheidsorganisatie. In haar boek Seks, drugs… en aids legt ze de hallucinante mechanismen bloot die ervoor zorgen dat het aidsvirus terrein won.

‘Hoe meer geld, hoe slechter de hiv-preventie’, Geert de Weyer, De Morgen, 23.07.2008.

De Londense homoscene is niet meer zo volwassen als vroeger. Ze lijkt wel te zijn teruggekeerd naar het pre-aidstijdperkToen aids ‘fashionable’ werd en het geld binnenstroomde, wilde plots iedereen een deel van de koek. Zelfs wie er niets mee te maken had.

[…]

De ondertitel van haar boek, Onthullingen uit de hypocriete wereld van de hiv-preventie, liegt er niet om. De ex-journaliste (Reuters, The Economist) licht de solide wetenschap toe met pikante verhalen uit de frontlinies van seks en drugs en stelt hoe verdorven mechanismen in de voorbije twee decennia over het gezond verstand en de wetenschappelijke feiten zijn gewalst. Dat overheden minder geïnteresseerd zijn in de goede gezondheid van hun landgenoten dan in het economische belang van hun natie laat zich op bijna elke pagina lezen.

Wat was uw motivatie om dit boek te schrijven? Was u boos? Teleurgesteld misschien?

“Ik denk beide, maar ik heb het zeker niet geschreven vanuit een soort wraakgevoel. Ik zag enkel dat de hele wereld hoopte dat we met belastinggeld en persoonlijke bijdragen de epidemie stop zouden zetten. Men ging zelfs zover rode iPods te verkopen, weet je nog? Maar slechts weinigen van die mensen weten hoe slecht dat geld is besteed. Ik ben lang niet de enige die vanuit de industrie aan de alarmbel heeft getrokken. Er gaan al jaren stemmen op om onze aanpak drastisch te veranderen. Goed, in bepaalde landen zie ik muizenstapjes richting bemoedigende initiatieven, maar die volstaan amper.

“Een andere motivatie is dat ik boos word als ik merk dat mensen aids bekijken in termen van cijfers – 25 miljoen mensen dood, 30 miljoen geïnfecteerd – terwijl hiv in feite draait om individuen en de keuzes die we op bepaalde momenten in ons leven maken. Ik wilde sommige van de interessantste, meest bedachtzame, soms zelfs slimste of domste individuen met wie ik in al die jaren gewerkt heb aan een groot publiek voorstellen.”

U hoorde voor het eerst over aids in New York in 1983, aan het begin van de internationale outbreak. U steekt uw verbijstering niet weg dat niemand er toen over wilde spreken. Wat zou er gebeurd zijn mocht de overheid er adequaat op gereageerd hebben?

“Het verhaal zou volledig herschreven zijn. Heel wat van wat ik ‘de heilige koeien van de aidswereld’ noem, dateren uit die tijd. Homo’s moesten zich zelf organiseren, omdat de overheid niets deed. Ze werden verplicht een agressief activistenpad in te slaan. Daardoor werd aids als homoziekte bestempeld en sprak men algauw van een ‘vuile ziekte’. Dat stigma en vooral de internationale reacties daarop echoën nu al enkele decennia luid na en bemoeilijken het om juist te handelen inzake de hiv-problematiek. Landen als Nederland en Groot-Brittannië herkenden het probleem en gingen snel tot actie over, bijvoorbeeld door op het einde van de jaren tachtig al zuivere naalden te voorzien voor drugsgebruikers. De epidemie heeft in hun land relatief gezien dan ook minder grote proporties aangenomen. Mochten de Verenigde Staten zo’n pragmatische zienswijze hebben gehanteerd, dan zou hiv vanaf het begin globaler behandeld zijn, zoals zoveel andere gemeenschappelijke gezondheidsproblemen. Door dat niet te doen, hebben aids en hiv nu veeleer het stigma van de pest.”

In al die jaren dat u zich hebt gebogen over hiv-preventie merkte u dat er steeds meer geld binnenkwam om de epidemie aan te pakken. Toch bleek dat een obstakel om goed werk te leveren. Hoe komt dat?

“Simpel. Hiv heeft alles te maken met seks en drugs. Om het virus te voorkomen, moet je geld spenderen aan programma’s die erop gericht zijn te voorkomen dat geïnfecteerden hun naald uitwisselen of onveilige seks hebben. Dus het geld zou naar organisaties moeten gaan die die programma’s goed kunnen verkopen aan het publiek. Maar toen aids erg fashionable werd en het geld binnenstroomde, wilde elke organisatie of instelling een deel van de koek. Gevolg: iedereen zette een aidsprogramma op, zelfs wie helemaal niet omtrent seks en/of drugs werkte. Overheden in armere landen startten zelfs bewustzijnscampagnes voor schoolkinderen of gingen zwangere vrouwen screenen – die nota bene in de meeste landen bijna geen risico voor hiv vertonen – in plaats van schone naalden te voorzien voor druggebruikers of er zich van te vergewissen dat homo’s makkelijker toegang kregen tot condooms, glijmiddel en behandelingen voor seksueel overdraagbare ziekten.

“Ik wil benadrukken dat ik niet tegen die bewustzijnscampagnes ben. Iedereen zou de basisfeiten over hiv en de preventie ervan moeten kennen, maar laten we wel wezen: die algemene bewustzijnscampagnes doen niets om de verspreiding van hiv te voorkomen. Om dat doel te bereiken, moet je je richten op de mensen die het meeste risico lopen. Helaas zijn die politiek gezien niet erg interessant.

“Weet je, soms zijn algemene campagnes nodig om een publiek bewustzijn te creëren, zodat de kiezers accepteren dat hun belastinggeld gespendeerd wordt aan preventieprogramma’s voor de hogerisicogroepen. Het probleem ontstaat als regeringen enkel dat soort makkelijke campagnes lanceren in plaats van campagnes die werkelijk een verschil maken. En hoe meer geld er voorhanden is, hoe minder men gestimuleerd wordt het ook te gebruiken voor manieren die de kern van de zaak aanpakken.

“Tja, vergis je niet: te veel geld houdt wel degelijk een goede hiv-preventie tegen. Het houdt zelfs een goede gezondheid tegen. Een voorbeeld. Ik ben ooit de strijd aangegaan met een Britse ngo omdat die een programma wilde opstarten voor hiv-geïnfecteerde kinderen in Indonesië. Ik kaartte aan dat er bijna geen hiv-geïnfecteerde kinderen waren in Indonesië, maar dat er wel honderden, zelfs duizenden kinderen waren die niet geïmmuniseerd werden tegen de grootste kinderziekten – het land heeft een van de hoogste kindersterftecijfers ter wereld. Er vond op dat moment ook een polio-outbreak plaats op een uur rijden van Djakarta. Dát was waar ze zich op moesten focussen. Maar neen, hiv was een corporate priority voor de Britse overheid en dus moest en zou die nog een hiv-programma opstarten, ook al was dat niet nodig.”

U haalt aan dat de farmaceutische industrie rijk aan het worden is met haar hiv- en aidsmedicatie. Maar was is daar mis mee? Het is een economisch gegeven, toch?

“Daar is in feite niets mis mee… als je een kapitalist bent. (fijne grijns) Voordat aids de kop opstak, hebben we altijd geaccepteerd dat de aandeelhouders van de grote farmaceutische firma’s winsten maakten met medicatie. De behandeling van aids werd plots belangrijk, omdat het een van die vele zeldzame infectieziekten is die én een vrij ruime en erg lokale minderheid in rijke landen én een erg groot deel van de mensen in arme landen overkomt. Patiënten en activisten in rijke landen hebben erop aangedrongen om ook te investeren in het ontwikkelingen van behandelingen, maar zodra die weg geplaveid was, eiste men meteen ook behandelingen voor mensen in arme landen. De enorme winsten van grote farmaceutische bedrijven kwamen daardoor onder nauwkeurig toezicht en er kwam ook steeds meer kritiek op. Daardoor steeg de druk om de prijzen te laten dalen.

“Nu, er is iets zeer interessants aan de hand in arme landen. Aidsmedicijnen zijn gratis, maar geneesmiddelen voor andere ziekten zoals bijvoorbeeld diabetes zijn dat niet. Ondertussen zeggen steeds meer mensen met andere aandoeningen: ‘Hé, wacht eens even. Hoe komt het dat hiv-patiënten wel een behandeling krijgen en wij niet?’ Ik vermoed dat dat zal leiden tot een algemene aanval op de buitensporig hoge prijzen van de farmaceutische bedrijven. Natuurlijk zullen zij de eerste zijn om te beweren dat ze de prijzen wel hoog moéten houden, zodat ze kunnen investeren in onderzoek. En dat klopt niet, want ten eerste is een heel groot deel van het betere onderzoekswerk gecofinancierd met publiek geld en ten tweede zijn de marketing- en promobudgetten van die farmabedrijven veel en véél groter dan hun onderzoeksbudget.”

Vooral politici moeten het ontgelden in uw boek. Hoewel een goede preventie op termijn miljoenen dollars zou kunnen besparen, schrijf je dat politici daar niet geïnteresseerd in zijn, omdat ze enkel aan kortetermijndenken doen. Daardoor wordt de epidemie alleen maar groter.

“Dat is vreselijk om te horen, maar het is wel waar. Het is een van de zwakheden van een democratie. Autocratische regeringen vinden het vaak makkelijker om pragmatisch te zijn als het op het algemeen welzijn aankomt. Zij kunnen tenminste zonder gezichts- of machtsverlies onpopulaire maatregelen doorvoeren zonder rekening te houden met de gevoeligheden van het merendeel van hun landgenoten. Het is een van de redenen waarom we meer pragmatische respons krijgen vanuit Iran en China dan vanuit Zuid-Afrika of de Verenigde Staten.”

Uitgerekend president Bush besloot om voor de komende vijf jaar 15 miljard dollar te besteden aan de aidsproblematiek in ontwikkelingslanden. Die beslissing zou zijn ingefluisterd door Jesse Helms, die in 1995 nog subsidiegeld voor dezelfde problematiek trachtte tegen te houden met de bewering dat het virus verspreid werd door ‘het weloverwogen, walgelijke gedrag van homo’s’. Wat is er in die tien jaar gebeurd?

“Het wordt straffer als je weet dat het congres nog eens 50 miljard dollar heeft gevraagd voor de komende vijf jaar. Dat kwam er min of meer op verzoek van religieus rechts, dat aids ‘ontdekte’ op zijn Afrikaanse missies en het omschreef als een ziekte die onschuldige vrouwen en kinderen bereikte. Kortom: hiv en aids waren niet langer een onacceptabele ziekte, maar moesten medeleven opwekken. Terzelfder tijd bleek het een ziekte die zeer veel geld in de kerken kon brengen, als die tenminste Bush konden overhalen om én meer geld te spenderen aan aids én het merendeel daarvan te reserveren voor religieuze of op geloof gebaseerde organisaties. De timing was in ieder geval uitstekend. Bush had zijn handen vol aan de oorlog in Irak en hij moest de wereld duidelijk maken dat hij een meelevend individu was. Zo gaat dat.”

Is de strijd tegen aids en hiv schadelijk voor een tolerante houding tegenover homo’s? Weegt die link überhaupt door?

“Historisch gezien is aids onlosmakelijk verbonden met de homogemeenschap. Dat komt omdat het eerst bekend werd bij opgeleide, welbespraakte mannen die nog maar pas een beetje seksuele vrijheden hadden verworven. Ik vraag me vaak af hoe anders alles zou zijn als aids enkel zou zijn gelinkt met drugsgebruikers. Toch heeft de epidemie de tolerantie tegenover homo’s verhoogd. Door aids ontstonden er namelijk gemeenschapsorganisaties, politiek activisme en engagementen met politici die deuren hebben geopend voor andere belangrijke veranderingen als burgerlijk partnerschap en het huwelijk.”

U concludeert in uw boek dat we gemeenschapsactivisme pas in de verre, verre toekomst kunnen verwachten. Dat is niet echt hoopvol.

“Ik denk dat de meeste gemeenschappen zijn zoals mensen. Ze gaan door een fase van bevrijding en misschien zelfs rebellie tegen de gemeenschap waarvan ze zich proberen los te rukken. Na een tijdje worden ze volwassen, nemen ze beter en sneller hun verantwoordelijkheid binnen die gemeenschap. Ik denk dat de westerse homoscene in die fase van volwassenheid is terechtgekomen. In Azië daarentegen zit men nog in de tienerfase. Daar kijkt men niet verder dan uitgaan. Ze maken zich daar ook geen zorgen over de toekomst. Hoewel, nu ik erover nadenk: ik ga tegenwoordig weer uit in de Londense homoscene en die is niet zo volwassen als ik ze me herinner. Ze lijkt wel zijn teruggekeerd naar het pre-aidstijdperk.”

Hoe moet het volgens u nu verder?

“We kunnen de zucht naar geld van instanties zoals onder meer de Wereldbank niet stoppen, maar we kunnen het iedereen wel moeilijker maken om een stuk van dat geld in handen te krijgen. Het probleem met aids is dat we lange tijd niet hebben willen zeggen dat het over seks en drugs ging, want we wilden geen gemeenschappen stigmatiseren. We vertelden dat het ieders probleem was, dat het een ontwikkelingsprobleem was. Op die manier werd in feite elke organisatie ter wereld uitgenodigd om hun deel van de koek op te eisen.

“(gedreven) Wat we nu moeten doen is zeggen: deze koek is voor mensen die willen en gekwalificeerd zijn om te werken met drugsgebruikers, met homo’s en omtrent seks. In Afrika moet de koek verdeeld worden onder mensen die willen spreken over seks en polygamie, die durven te zeggen dat als oude mannen jonge vrouwen neuken hiv nooit zal stoppen zich te verspreiden, en die tieners willen behandelen voor seksueel overdraagbare ziekten. Een deel van die koek moet zonder meer naar preventie gaan en een ander naar behandeling. Terzelfder tijd moeten we durven te stellen dat elke keer als de behandelingskoek groter wordt, we ons moeten inspannen om ook de preventiekoek groter te maken. Dát is wat me moeten doen.”

Elizabeth Pisani
Seks, drugs… en aids
Nieuw Amsterdam, 336 p., 22,95 euro

3 Reacties

  1. Is dat zoiets als …
    89 Vlaamse actieplannen voor meer gelijke kansen, ook voor holebi’s.
    en geen http://www.zizo-magazine.be in de bibliotheek 😕

    Of
    software pakketten…
    hoeveel software-paketten heb je nodig voor je foto-beheer?
    – windows viewer
    – ms-office picture manager
    – windows live fotogallery
    – windows live spaces
    – google picasa
    – hp image zone
    of … programma kiezen?

  2. […] meer geld, hoe slechter de hiv-preventie’, Geert […] Bron: “Hoe meer geld, hoe slechter de hiv-preventie” (Talk of the Town) This entry was posted on Friday, July 25th, 2008 at 1:06 pm and is filed under Holebi, […]

  3. Hoe hoger men tracht zijn handen te reiken , hoe eenzamer men zich voelt. Maar hoe dieper men zijn handen in geld kan stoppen , hoe meer “vrienden” hij/zij heeft…De mondiale problemen rond HIV/AIDS en de oplossingen zijn een reeds geschreven boek van jaren…Zoals de oorlog in Irak enz…. Pisani E. Ik hoop dat je met je boek wat stof doet wegblazen. Er ligt enorm veel vuiligheid…En over die afvalberg van hypocritie en politiekers en presidenten valt moeilijk te kijken…Ik wou dat ik samen met jou eens flink tegen hun benen kon plassen maar ik ben klein , en zij zijn groot…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: