Wat is homomuziek?

Tom Heremans van Het Nieuwsblad vroeg aan Lieven Vandenhoute, Yasmine, Daan en Seppe Geerts van Enig Verschil wat homomuziek nu juist is. Homomuziek moet camp zijn, kermisliedjes met stijl en met een dubbele bodem. Volgende week wordt de vijfde Vlaamse Homo Top 100 bekendgemaakt.

DE HOMO TOP 100: HOLEBIMUZIEK VOOR BEGINNERS, Tom Heremans, Het Nieuwsblad, 15.11.2008.

Jeanettenmuziek. Zo, het hoge woord is eruit, dat hebben we achter de rug. Volgende vrijdag gaan een kleine duizend holebi’s en hun heterovrienden in de Antwerpse homotent Red&Blue uit de bol op een tophonderd vol jeanettenmuziek die ze zelf hebben mogen samenstellen. Tot woensdagavond kan iedereen die dat wenst stemmen op zijn vijf favoriete nummers uit een ellenlange lijst op de speciaal daartoe opgerichte website http://www.homotophonderd.be.

Het idee komt overgewaaid uit Nederland, dat één dag per jaar roze kleurt in plaats van oranje. Het populaire radiostation 3FM draait er de hele dag holebimuziek, heel Nederland wordt voor één dag homo. Tot dat soort massahysterie komt het bij ons vooralsnog niet (misschien een ideetje voor Peter van de Veire en zijn MNM?), maar de jaarlijkse Homo Top 100-fuif is al een mooi begin.

Het initiatief werd vijf jaar geleden genomen door (de hetero’s van) TBC events, ook bekend van de eighties-fuiven, maar zij organiseren de hele zwik samen met holebi-organisaties als Wel Jong niet gek en Enig Verschil, alwaar we Seppe Geerts bereid vinden tot meer uitleg. ‘De belangrijkste bedoeling van dit initiatief is een verbroedering tot stand te brengen tussen holebi’s en hetero’s’, zegt hij.

Is het dan geen vreemd idee om uit te pakken met een feest vol clichébevestigende holebimuziek? ‘Ach, daar moet je gewoon de humor van inzien’, zegt Geerts. ‘Het is pas als je om de eigen clichés kunt lachen, dat je je goed in je vel voelt. Trouwens, al die nummers worden op een doordeweekse seventies- of eightiesfuif ook gedraaid, hoor.’

En toch, en toch. Er bestaat wel degelijk zoiets als typische jeanettenmuziek. Alleen valt moeilijk te duiden wat dat precies is. In ieder geval: fijnbesnaarde muziek is het niet. Hebben holebi’s een specifiek gen dat hen opsolfert met een slechte muzikale smaak? Het is een vraag die van bijzonder slechte smaak getuigt, dat wel, maar je zou het toch haast gaan denken als je een blik werpt op de vijfhonderd songs verzameld op http://www.homotophonderd.be. Die lijst bestaat voor het overgrote deel uit jaren-zeventigdisco, kleverige middle-of-the-roadballads, glimmende glamrock en platte elektropop. Is dit gewoon met opzet doorgedreven wansmaak, of is hier meer aan de hand?

Hier is meer aan de hand. ‘Er zit wel degelijk een rode draad door het fenomeen holebimuziek’, zegt Geerts, ‘alleen kan ik niet goed uitleggen wat die rode draad dan precies is.’

Dubbele bodem

Niet getreurd: de radio- en tv-maker Lieven Vandenhaute wil wel een poging doen. ‘Het is kermismuziek, maar dan met dat ietsje meer’, zegt hij. ‘Hoempamuziek met stijl, zo je wilt. Muziek waar je stijve hemdsboord meteen slap van gaat hangen. Disco, maar dan met een kwaliteitslabel en met gevoel voor tristesse. En met een dubbele bodem. Die dubbele bodem is héél belangrijk (lacht).’

Eigenaardig genoeg staan er veel meer heteroseksuele vrouwen in die tophonderd dan homoseksuele mannen. ‘Dat is toch normaal’, zegt Vandenhaute, ‘Homo’s hebben ook behoefte aan vrouwen, of wat dacht je. We hebben toch allemaal een moeder? Weet je wat het is: een homofuif met alleen mannen, dat is doodsaai. Je hebt vrouwelijke muziek nodig om de boel wat op te vrolijken.’

Om de een of andere reden denken we dat dit niet volstaat als verklaring. ‘Je hebt gelijk’, zucht Vandenhaute. ‘Het gaat natuurlijk vooral over identificatie. Homo’s identificeren zich graag met tragische vrouwen. Ze hebben er namelijk een en ander gemeenschappelijk mee: ze worden verliefd op, belazerd door of doodziek van de verkeerde mannen (lacht).’

Nu komen we in de buurt. De Homo Top 100 staat vol homo-iconen, en dat zijn niet zozeer strijdbare homoseksuele zangers als Tom Robinson (‘Glad to be gay’), relnichten als Rufus Wainwright of al dan niet te laat uit de kast gekomen holebi’s als Morrissey, Michael Stipe en Freddy Mercury. Hun kermisgehalte is gewoon te laag (zelfs dat van Mercury). Echte kermismuziekhomo’s zoals Mika, Village People, Jimmy Sommerville en Marc Almond maken een betere, euh, beurt, maar de meeste homo-iconen zijn dus vrouwen. Vaak sterke, maar toch tragische discovrouwen als Donna Summer en Gloria Gaynor, dramachanteuses als Barbara Streisand en Céline Dion, en popidolen met carnavaleske neigingen als Madonna en onze bloedeigen Natalia. Het helpt als die dames enige glamour en glitter niet schuwen, en het helpt nog meer als ze liedjes met strijdbare titels zingen, zoals ‘I will survive’ in het geval van Gloria Gaynor, of ‘I’ve only just begun to fight’, in het geval van Natalia. Dat worden dan echte ‘gay anthems’.

Vrienden van Dorothy

Ook Abba scoort altijd erg hoog in de Homo Top 100 (en via Abba alles wat naar het Eurovisiesongfestival ruikt). De onwaarschijnlijke populariteit van de Zweedse fab four in holebi-middens heeft zeker met het kermis- en pathosgehalte van sommige van hun hits te maken, maar nog meer met de dubbele bodem die homo’s in ‘Dancing queen’ kunnen leggen, en ook wel met Agneta en Frieda. Tragische vrouwen, al was het maar vanwege de weinig flatterende catsuits waarin ze zich in de jaren 1970 moesten wringen.

En laten we zeker ook Kylie Minogue niet vergeten. Al kunnen we aan Kylie met de beste wil van de wereld niets tragisch ontdekken. ‘Kylie heb ik ook nooit begrepen’, zegt Vandenhaute. ‘Kermis genoeg, natuurlijk, maar weinig stijl, geen dubbele bodems en al helemaal niet de vereiste pathos of tristesse. Het is me een mysterie, heel die Kylie-hype onder homo’s.’

Het oudste liedje in de Homo Top 100 is ongetwijfeld ‘Somewhere over the rainbow’, gezongen door Judy Garland in de filmversie van The wizard of Oz. Garland moet zowat het eerste homo-icoon uit de muziekindustrie geweest zijn. Dat had zeker met haar tragische leven en zin voor drama te maken (die zo erfelijk bleek dat haar dochter Liza Minelli van de weeromstuit ook een homo-icoon werd), maar ook met het verhaal van Oz. Daarin speelt Garland Dorothy, een meisje dat op haar tocht vriendschap sluit met een aantal wezens die, laten we zeggen, anders zijn dan de anderen. ‘Ben jij een vriend van Dorothy?’ werd algauw een eufemisme om naar iemands seksuele geaardheid te vragen. De dubbele bodem zit soms heel ver weggestopt.

Tussen al die holebi-symboliek en vrolijke vrouwendiscokitsch duikt soms een ernstige hetero op als Daan, die met ‘Swedish Designer drugs’ in de Homo Top 100 prijkt. Misschien omdat hij daarin met een falsetstem zingt? ‘Wie weet’, zegt Daan, ‘maar ik denk vooral dat het met de knipoog in de muziek te maken heeft. Ik heb lang nogal serieuze muziek gemaakt, maar ten tijde van “Swedish” heb ik mezelf wat in vraag gesteld en een ironische dosis camp en ambiance in mijn muziek gelegd. En mezelf een dandy-imago aangemeten, dat zal ook geholpen hebben. Sta me overigens toe te zeggen dat ik niet wist dat ik in die tophonderd prijk, maar dat ik er erg geflatteerd door ben.’

Op zoek naar lesbiennes

Het heeft er toch de schijn van weg dat de Homo Top 100 vooral mannelijke holebi’s op het lijf geschreven is. Het is vergeefs zoeken naar mannelijke heteroartiesten in wier muziek lesbiennes een dubbele bodem kunnen ontdekken. Wel duiken hier en daar nummers van lesbische zangeressen op, zoals Melissa Etheridge, Sarah Bettens en Yasmine. ‘Ik denk dat lesbiennes – voorlopig toch nog – meer op zoek gaan naar “geslaagde” voorbeelden in eigen rangen’, zegt Yasmine. ‘Op dat vlak staat de mannelijke homobeweging misschien een stap verder. Dat gezegd zijnde: ik maak me sterk dat pathos, kitsch en dubbele bodems meer iets voor homo’s zijn dan voor lesbiennes. Het valt toch op dat lesbische artiesten haast altijd in de categorie van de ernstige singersongwriters vallen? Daar kom je niet ver mee op een party (lacht).’

Lesbiennes hebben dus een probleem: er bestaat voor hen geen partymuziek. ‘Dat is toch onzin’, zegt Yasmine. ‘Mijn vrouw organiseert enkele keren per maand een “damesfuif” in de Red&Blue, en daar wordt heel wat van die disconummers gedraaid die in die Homo Top 100 staan. Dat is gewoon geweldige feestmuziek. Ik hou niet zo van die vakjesmentaliteit.’

Lieven Vandenhaute is het daar volmondig mee eens. ‘Je moet die muziek veeleer met het uitgaansleven dan met muzikale smaak associëren. Er zijn volgens mij weinig homo’s die heel die tophonderd in hun platenkast hebben staan. Ik mag er trouwens niet aan denken dat ik al die liedjes in één ruk zou moeten beluisteren. Na drie nummers heb ik al een overdosis.’

6 Reacties

  1. Muziek is uiting, dus is ‘r ook homomuziek.

  2. […] 1, 2008 bij 11:30 pm · Ingedeeld onder Levensbeschouwing, Talk-of-the-Town Wat is homomuziek? Tom Heremans van Het Nieuwsblad vroeg aan Lieven Vandenhoute, Yasmine, Daan en Seppe Geerts van […]

  3. […] 15, 2008 bij 11:30 pm · Ingedeeld onder Levensbeschouwing, Talk-of-the-Town Wat is homomuziek? Tom Heremans van Het Nieuwsblad vroeg aan Lieven Vandenhoute, Yasmine, Daan en Seppe Geerts van […]

  4. Ik heb nog nooit zoveel clichés bij elkaar gezien. 😀

  5. […] Homo’s houden van nichtenmuziek. Geen verrassing, zou je stellen. Maar nu is het wetenschappelijk onderzocht. Communicatiewetenschapper Katrien […]

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: